VOORBLAD - INLEIDING - 1400-1700 - 1700-1900 - ERFGOED - PERSOONLIJK - WEBLINKS
Thuis in Rotterdams Delfshaven

een persoonlijke notitie

Mijn naam is Joop Smits, ik ben geboren en getogen in Gorkum. Een gereformeerd gezin met 5 kinderen en een orgel. Mijn vader en zijn vader waren ook echte Gorkummers. Mijn moeder kwam uit Soest. Daar in er is op deze foto te klikken...die oude boerderij aan de bosrand heb ik in mijn jeugd de vakanties doorgebracht met pa, ma en mijn 2 broers en 2 zussen. Bij opa en oma en tante Ger, ma's jongste nog thuis wonende zuster. Vanuit Soest maakten we dagtrips naar spannende locaties als de Efteling, het Spoorweg- of oorlogsmuseum of vliegveld Soesterberg. Maar ook wandelingen in de bossen en dagjes naar de Soesterduinen. Een intens beleefd avontuur in wat mij een andere wereld leek en waar het gezin het hele jaar naar uitkeek. foto: dagtrip met de Vauxhall Cresta. Ik sta links van pa...
Wij woonden in een Gorkumse buitenwijk, dwz buiten de oude stadspoorten. Het was een klein eindje lopen naar de polders waar je op salamanders en op stekelbaarsjes kon vissen met een van bamboe, ijzerdraad en een ouwe nylonkous gemaakt schepnetje, De slootjes tussen de weilanden roken naar kruizemunt en rivierklei. Als je er in stapte bleef je naar bagger stinken. Tenminste, dat kon in mijn lagere school tijd. De nieuwbouw rukte hard op in de jaren ‘60. ’s Zomers kon je bij warm weer naar het ”strandje”, een zandoever aan de Merwede. Buiten de Waterpoort heet het daar. Zwemmen daar was gevaarlijk vanwege de getijdestroming rond de kribben. Ik herinner me de geur van vers gebakken brood en de bedrijvigheid bij de hoefsmid wanneer ik, op weg naar school, voorbij de stadswallen de Westwagenstraat infietste. Eens per week was het koeien- en varkensmar(k)t in de stad. Het ijs van Venezia, de ijssalon van de familie Agnoli aan de Westwagenstraat, was een begrip in de wijde omtrek. Op zaterdagavond keken we met het hele gezin op de bank, wij de kinderen, net uit bad - aanvankelijk het zinken teiltje en later de douche-, dus fris en met natte gekamde haartjes, naar Ivanhoe (youtube) of de Thunderbirds (youtube) op de zwart-wit tv. Ik was een dromer en heb voornamelijk goede herinneringen aan mijn jeugd...


V&D Rotterdam-Hoogstraat
Na de ULO ging ik naar de Etaleursschool in Utrecht. In 1975, na mijn militaire diensttijd, vond ik na een half jaar zoeken werk als etaleur bij V&D in de Hoogstraat in Rotterdam.
Op de foto: schaatsen op de bevroren Rotte met V&D-collega etaleurs in een (erg) ruim genomen middagpauze. vlnr.: Rij 1: Thea van Brakel, Nol Konings, Gertjan Withagen, Ferry Wouda, Margot ?, Carla Hordijk, Cor Koppenol, Frits Erwich. Rij 2: Hans Boodt, Jos Schrijvers, ikzelf

Ik woonde nog thuis, want een woning in Gorkum bleek moeilijk te vinden. Omdat het heen-en-weer reizen steeds duurder werd en de files alsmaar langer ben ik in 1980 naar Rotterdam verhuisd. Bijkomende reden was dat mijn vader, enkele jaren na het overlijden van mijn moeder in de herfst van '75, was hertrouwd. We verhuisden naar Langerak, een nieuwbouwgehucht aan de Lek. Er onstonden spanningen die mij mijn vertrek uit wat ik al niet meer "thuis" kon noemen deden bespoedigen. Mijn broer had hetzelfde ervaren en woonde toen al een half jaar in Rotterdam. Zijn huisbaas Jack Alken verhuurde nogal uitgewoonde pandjes (maar wel tegen betaalbare huur) aan, in zijn ogen, vertrouwd volk. Dat waren dus mensen met een vaste baan en vooral géén buitenlanders want daar zei hij slechte ervaringen mee te hebben. Nou ja, niet alleen met hen: mijn bovenburen op de gemeenschappelijke trap, de familie Mol, noemden hem een huisjesmelker die het vertikte om de woningen te onderhouden. Zij betaalden een paar tientjes per maand en weigerden al jaren elke huurverhoging, dus die kritiek vond ik niet echt redelijk: "alle waar naar z'n geld", zei m'n pa altijd...

De trap naar de zolder lag langs de wanden volgestapeld met zakken antraciet. De buren zworen bij kolenverwarming. Gas vonden ze maar niks! Zelf had ik een Nobel gaskachel, een zwarte plaatstalen buiskachel met warmtewisselaar. Als ik 's winters thuiskwam zette ik 'm even op "vol" en een paar minuten later voelde ik de warmtestraling prikken op m'n huid. Dat mis ik nu wel eens bij m'n moderne CV...


Schippersstraat
Zo kwam ik dus in de Schippersstraat te wonen in de wijk Bospolder, onderdeel van de deelgemeente Delfshaven. De wijk neigde toen al naar een achterbuurt (ook wel door politici eufemistisch omschreven als "gezellige volksbuurt", zodat ze geen stappen tot verbetering hoefden te nemen) met meer vuil en herrie op straat dan ik gewend was, veel rumoerige buren en oprukkende verpaupering vanwege achterstallig onderhoud en een laks overheidsbeleid voor economisch en politiek oninteressante stadswijken. En het werd erger: hard-drugsgebruik werd gedoogd (synoniem voor bestuurlijke beslissingsangst? Met tolerantie heeft het niets te maken!) en de onvermijdelijke overlast gebagatelliseerd. Dat in de jaren ’90 de junks overdag openlijk in de portieken crack zaten te roken of zaten te spuiten moest je maar normaal vinden. En de massaal toestromende buitenlanders mochten zich vooral niet aanpassen en wie vond dat ze dat wel moesten doen was intolerant en discrimineerde andere culturen. De oorzaak van de huidige problemen...

Mijn eerste eigen huurhuisje, een voor-tussen-achter woning met een halve zolder was behoorlijk uitgewoond en naar mijn opvattingen voor verbetering vatbaar. Samen met de huisbaas, Jack Alken, en mijn broers Freek en Gert heb ik in de centrale opgang naast het trappenhuis een wand gemetseld en een eigen douche/toilet-ruimte gemaakt en de keuken vergroot. Zo werd het toch een toffe woning. Al was alles wel behoorlijk scheef en het dak zo lek als een mandje. Het verhaal ging dat door het bombardement in 1943 de woningen op de fundamenten waren verschoven. De voorkant van de woning was 4 meter breed en had een verval van 10 cm! Ik heb er toch een tijdje met plezier gewoond. Toen ik er na zeven jaar uit moest wegens een sloopbesluit vond ik dat niet echt leuk! Al kreeg ik steeds asocialere buren waardoor de gebreken van de oude en slecht onderhouden woning pas echt aan het licht kwam. Als de beneden-buurvrouw patat bakte, en dat deed ze vaak, stond mijn hele woning blauw... En laat ik het maar niet hebben over haar zoontje die drumde en haar 2 deense doggen. Eigenlijk waren mijn Nederlandse buren asocialer dan mijn Turkse of Marokkaanse buren.


sloopbesluit
Na het sloopbesluit gingen de panden over naar een woningstichting. Mijn bovenburen verhuisden naar een benedenwoning verderop in de straat en boven mij kwam een Marokkaan te wonen. Een 50+-er die nauwelijks Nederlands sprak en een erg eenzame indruk maakte. Hij was zoals zoveel gastarbeiders zonder vrouw en kinderen naar Nederland gekomen, een land met een voor hem onbegrijpelijke taal en cultuur, om door het doen van zwaar en vaak ondankbaar werk zijn familie een betere toekomst te geven. Een vreemdeling in een vreemd land. Ik had diep respect voor zoveel zelfopoffering. Af en toe las ik een brief van de gemeente aan hem voor. Uiteraard kon hij niet lezen. Overigens ook niet in het Arabisch. Veel oudere allochtonen zijn analfabeet, dat vergeet ook de politiek wel eens als ineens wordt gesteld dat alle buitenlanders Nederlands moeten leren om gebruik te kunnen blijven maken van sociale regelingen.

De Schiedamseweg was in 1980 een redelijk aantrekkelijke winkelstraat maar met de aanleg van de metrolijn was de bereikbaarheid ca. een jaar lang erg slecht en gingen de betere winkels, met hun klantenkring meer uit de regio dan uit de wijk, over de kop. In een winkelstraat zijn de luxe winkels toch de krenten in de pap. Hun plaatsen werden ingenomen door dubieuze toko's en islamitische slagers en aanverwanten. Te veel van hetzelfde en alles erg armoedig ingericht en aangekleed. Ik denk vanwege de overheidssteun voor allochtone ondernemers die na enkele jaren, wanneer de subsidie ophoud, doorverkopen lucratiever maakt dan investeren in het bedrijf. Als je ziet dat een Marokkaanse rommelwinkel met dik roestig hekwerk voor de winkelruit geschroefd en de plastic huishoudartiekelen van halverwege het trottoir tot aan de zonwering heeft opgestapeld zich profileert als een “winkel in cadeauartikelen” weet je genoeg...

Delfshavense allochtonen
Als bewoner van Delfshaven ben ik natuurlijk een ervaringsdeskundige op dit gebied. In de tijd dat ik in de wijk woon zijn er veel Nederlanders vertrokken en evenzoveel buitenlanders bijgekomen. (de gemeente zegt 70%, ik houd het op 80 á 90%) Helaas hebben veel van hen de slechte gewoonten van hun Nederlandse voorgangers overgenomen en gecombineerd met hun eigen slechte gewoonten. Daar komt nog bij dat veel buitenlanders "op straat leven" en zich nogal luidruchtig gedragen. De werkloosheid is groot in deze deelgemeente, dus bij zomers weer duurt de herrie die voornamelijk wordt veroorzaakt door met luide stem gevoerde gesprekken tot 3 uur ’s nachts. Dit gedrag is vooral hinderlijk als je bij warm weer met het raam open wil slapen, of vroeg moet opstaan. Maar dat krijg je als je in een buurt die voor zo'n 70% bestaat uit bewoners met een niet-westersgeoriënteerde culturele achtergrond.

Afgezien daarvan zijn mijn allochtone buurtbewoners, los van soms de taalbarrière tussen allochtonen en autochtonen en bovenal allochtonen onderling, gewoon als alle buren. Je hebt goeie en je hebt slechte. Dat de allochtonen en autochtonen twee "kampen" zouden zijn met tegengestelde belangen, zoals de media en de politiek tegenwoordig suggereren, is onzin. Het gaat daarbij blijkbaar vooral om kijk- en oplagecijfers en verkiezingsstemmen. Volksmennerij noemden we dat vroeger...

Als Rotterdammer heb ik over multikul trouwens ook nog een uitgesproken mening...

verpaupering
De te lang leegstaande slooppanden trokken in de jaren ’90 veel drugdealers en -gebruikers aan. Met de bijbehorende criminaliteit. De overlast was evident. Er is 3 keer in mijn mooie Peugeot 205 1.9 GTI ingebroken voordat hij op 2e paasdag voor mijn deur werd gestolen... Hij is nooit meer teruggevonden.
Bij sommige buurtbewoners werden zelfs de loden regenvanen van hun dak geroofd. En dat ik door een Marokkaan (hoezo stigmatiserend?) om 3 uur 's-nachts in mijn eigen straat ben overvallen vergeet ik maar liever... Mijn geld heb ik 'm niet gegeven maar de hechtingen in het oogziekenhuis (glassplinters van mijn bril) waren geen pretje! Tegen iemand met een knuppel en een mes doe je niet zo gek veel als argeloze stapper. Ik ben naar het politiebureau Marcinieplein gelopen en vandaar met een ambulance doorgestuurd naar het oogziekenhuis. 's Morgens was mijn hoofdkussen doordrenkt van het bloed van een wond op mijn achterhoofd die ik niet eens had opgemerkt. Ik ga nog steeds 's nachts alleen overstraat, want als dat in je eigen stad al niet meer kan (!), maar ik ben nu wel een stuk alerter en argwanender.

mijn buurt
Overigens was ik nooit bijzonder in mijn buurt geïnteresseerd. Mijn eigen arbeiderswijk vond ik niet zo bijzonder. Het feit dat ik snel in het centrum was om te werken, winkelen en stappen, en even snel op de snelweg om familie en vrienden op te zoeken, was het belangrijkste. De betaalbaarheid van de huur telde uiteraard ook sterk mee. De moderne hoogbouwstijlen in het centrum waren voor mij typisch Rotterdam en spraken mij meer aan. Nu de arbeiderswoningen worden geloopt en vervangen door nieuwbouw blokkendozen ga ik de oude gevels waarderen met hun consequente maar speelse witte belijning en witte gevelstenen. En natuurlijk de kenmerkende puntgeveltjes met witte lijst.



Het wooncomfort is er, net als helaas ook de huur, met sprongen door verhoogd maar het straatbeeld is er niet écht op vooruitgegaan. Die oude architecten hadden een fijn gevoel voor eenvoudige en evenwichtige schoonheid die moderne architecten lijkt te ontberen. Nu lijken ze altijd in dure folders te moeten uitleggen waarom we het wél mooi moeten vinden.
Vallen "probleemwijken" misschien niet onder beschermd stadsgezicht? Wel viel mij vanaf het begin al op wat voor prachtige panden er aan het begin van de Schiedamseweg stonden. Zoals de Oude Sluis bijvoorbeeld en de gebouwen ertegenover, zoals het Prinsessen Theater of de apotheek of de snackbar van Helms, als je tenminste hoger keek dan de gemoderniseerde winkelpuien.


historisch besef
Toen ik in ’87 gedwongen mijn zelf verbouwde huisje uit moest wegens eerder genoemd sloopbesluit ging ik in de buurt op zoek naar beschikbare woningen. Het leek het me wel aardig als ik naar de Voor- of Achterhaven kon verkassen. De oude sfeervolle buurt met werkelijk overal klimop (vandaar dat ik het in de omlijsting van deze pagina's heb gebruikt) tegen grote, oude kastanjebomen (helaas gerooid) leek me leuk wonen, al is het achterste gedeelte met erg foute gebouwen opgevuld. En dat pal naast Rotterdam's enig overgebleven stadsmolen! De wansmaak van de gemiddelde egotrippende architect in de jaren ’70. Maar blijkbaar wilde de gemeente Rotterdam in de jaren '70 heel Historisch Delfshaven platwalsen ten gunste van nieuwbouw of exploitatie door projectontwikkelaars, dus we mogen blij zijn met wat we nu nog hebben.

De Delfshavense zanger/entertainer Peter Blanker heeft daar nog een veelzeggend lied over gemaakt.

Overigens ging het in mijn geboortestad Gorkum in de jaren ’70 al niet anders. Prachtige oude stadsdelen zijn opgeofferd aan lucratieve nieuwbouw. Als reden werd bijna altijd de "slechte fundering" aangevoerd. Bij het Hogebrug sluiswachtershuisje zijn ze nog wekenlang bezig geweest om die "slechte fundering" te verwijderen! De indruk was dat oude panden vaak met opzet werden verwaarloosd om ze onbewoonbaar te kunnen verklaren en daarna te slopen. Zo kwam er weer kostbare nieuwbouwgrond binnen de stadswallen beschikbaar. In de jaren ’90 ontstond een hernieuwde brede interesse in historische gebouwen waarbij ook de politiek zich niet onbetuigd kon laten en is ook in Gorkum wat er nog over was gerestaureerd. Toerisme brengt tenslotte ook geld in het laatje.

De woningstichtingen die mij waren toegewezen bij het zoeken naar vervangende woonruimte waren mij bij het vinden van een mogelijkheid tot huren in oud-Delfshaven helaas niet behulpzaam. Daarvoor moest je waarschijnlijk een kruiwagen in de gemeenteraad hebben.
Het valt me tegenwoordig op dat er steeds meer hoofddoekjes-allochtonen in historisch Delfshaven worden gehuisvest. Ik gun ze het mooie uitzicht van harte, maar zouden ze de historische waarde van hun woonomgeving wel echt waarderen? Vreemd beleid houdt deze gemeente er op na!
Overigens kreeg ik, na een periode van een half jaar in een van kakkerlakken vergeven wisselwoning in de Taandersstraat, in 1987 een gerenoveerde woning 3-hoog in de Rosenveldtstraat (vernoemd naar een in 1847 overleden Rotterdamse toneelspeler, zoals veel straten in de wijk Bospolder). Ik woon er nog steeds, het is een moderne etagewoning en ik heb vanaf '87 dezelfde vriendelijke (Turkse) buren "op de trap".

Behalve dat ik de oude havens met brokkelige, half metwilde planten overwoekerde kademuren erg rustiek vond, en dus eigenlijk niet typisch Rotterdams, heb er me er destijds niet verder in verdiept. Oh ja: die brute
"kraakinstallatie" op het Akzo Nobel terrein achter het VOC-magaziijn vond ik een een uniek stukje lokale geschiedenis: een industriŽel kunstwerk. En ook zo vreemd: midden in een woonwijk. Dat ding hadden ze nooit moeten slopen. Tenslotte is op deze plaats de Biotex uitgevonden. De renovatie van het VOC magazijn vind ik een blamage, net als die lelijke betonnen schotten die het Piet Heyn Plein ontsieren. Wie verzint zoiets armoedigs en waarom kon er niet worden gerestaureerd? Er is niets van de oude glorie in terug te vinden! Die 36 miljoen gulden subsidie van de EU (waarvan slechts 2 voor het VOC-gebouw) waren toch echt bedoeld om Historisch Delfshaven haar oude luister terug te geven, zo had ik begrepen...

Uit een oud artikel in het Rotterdams Dagblad: [...] Het streven is erop gericht de restauratie van het voormalige VOC-zeemagazijn in zijn oorspronkelijke staat van 1647, die zo'n vijf miljoen gaat kosten, in 2001 te voltooien. In dat jaar is Rotterdam culturele hoofdstad [...]

Links is boven het origineel uit 1647 en onder de "restauratie" te zien. Ik hoop maar dat-ie nog niet af is!

Ja, ik ben een echte Rotterdammer: 't is hier niet goed of het deugt niet... en het wordt ook niks! :)
Al verdient de kademuur van de Kolk wel het predikaat "gerestaureerd". Mooi werk!




Toevoeging per april 2007 - Op de website van Stadtswerf is via een artist impression te zien hoe een eens majestueus gebouw wordt ingeklemd tussen de bekende armoedige, fantasieloze blokkendozen die men ons zo graag in de maag splitst. Ze komen met een druk op de knop uit autocad gerold. Geen restauratie, geen VOC-park met het Zeemagazijn als historische of museale toeristische attractie en geen respect voor Historisch Delfshaven. Economisch verantwoorde culturele armoede in een zich oneindig herhalend patroon... Peter Blanker's "Delfshaven" is nog steeds actueel.


het schip Delft in de haven van Delft
In ’97 verviel mijn functie als chef display & promotion bij V&D en moest ik na 23 jaar naar een andere baan gaan zoeken. Na een lang outplacement traject besloot ik in ’98 om d.m.v.een halfjaarse dagopleiding om te scholen naar webdesigner, een beroep met toekomst (dacht men toen nog). Mijn eerste ontmoeting met Windows... Om een voorbeeld van mijn kunnen op "het web" te zetten zocht ik een geschikt onderwerp. Op een braderie op de Schiedamseweg liep ik langs een kraampje van een stichting die een historisch oorlogsschip wilde herbouwen in Delfshaven. Dat zoiets kon in het zakelijke Rotterdam! En nog wel op vijf minuten lopen van mijn huis! Ik had altijd al een voorliefde voor die prachtige zeilschepen dus daar kon ik wel wat mee!

Mijn interesse in de geschiedenis van Delfshaven groeide terwijl ik werkte aan de toenmalige website voor de Stichting Historisch schip 'De Delft'. Omdat de geschiedenis van het schip nauw verband houdt met de geschiedenis van Delfshaven heb ik er zoveel mogelijk informatie over opgezocht. En wat blijkt? De historie van Delfshaven is toch wel heel bijzonder! Ten eerste hoort het als voormalig stadje pas sinds 1886 bij Rotterdam en ten tweede is het al sinds het ontstaan rond 1400 een spreekwoordelijke underdog geweest. Eerst werd het als kolonie van Delft voortdurend kort gehouden en toen het in 1815 een zelfstandige stad mocht worden zat het zwaar in de schulden. De economische uitzichten waren inmiddels zo verslechterd dat de kansen op succes voor een zelfstandig Delfshaven (qua omvang de huidige Deelgemeente Delfshaven) nihil waren.

Nadat het webdesignbureau "Trivium" waar ik werkzaam was in financiële problemen kwam en ik ten gevolge daarvan, en tot mijn opperste frustratie, in de WW belandde had ik ineens wel alle tijd voor een nieuw persoonlijk project. Via een gedetailleerde website over Delfshaven kon ik het verleden van die bijzondere straatjes, waar ik nu regelmatig doorheen wandelde, in kaart brengen op het internet.

Via deze website wil ik deze in de afgelopen jaren vergaarde en nog steeds groeiende kennis met u, als mede-geïnteresserde in onze locale geschiedenis, delen. Als een vitueel document voor het zo aanhoudend door de "vroede vaderen" verwaarloosde Delfshaven.


en-uh... wist u dit?
Als de geschiedenis een paar maal iets anders was gelopen (minder beperkende maatregelen door Delft in 1536 dus normale groeimogelijkheden, toestemming voor vestiging van het admiraliteitscollege in Delft in 1597, met als admiraliteitswerf en aanleghaven de locatie Delfshaven, waardoor het niet voor Rotterdam hoefde te kiezen, en voorkomen van het uitwijken van de helft van de haringvloot vanwege de afknijperij door Delft naar Rotterdam in 1638) was Delfshaven misschien wel groter geworden dan Rotterdam.

Al met al is Delfshaven dus een bijzonder stukje Rotterdam...


Wilt u een een bericht voor mij - of anderen - achterlaten? Dat kan in het GASTENBOEK


Deze pagina zal ik (on)regelmatig aanvullen of bijwerken. Delfshaven leeft en ik leef in Delfshaven. Wordt vervolgd...

Bevolkingssamenstelling Bospolder: CBS Buurtinformatie

...en dan nu nog wat persoonlijke ervaringen, persoonlijk onderzoek & persoonlijke meningen
 thuis in Delfshaven  multiculturariteiten  Scheepswerf 'De Delft' '   slavernijbeleving   Sint & Piet


legal disclaimer WEBSITE-OVERZICHT GASTENBOEK research & webdesing:
TOP
VOORBLAD - INLEIDING - 1400-1700 - 1700-1900 - ERFGOED - PERSOONLIJK - WEBLINKS